
Schoonmaakbeleving is meer dan een rapportcijfer
Regelmatig sturen schoonmaakbedrijven, omdat dit onderdeel is van hun certificeringseisen, een enquête naar gebruikers van een pand over hun beleving van de schoonmaak.
Schoonmaakbedrijven weten natuurlijk ook dat niemand staat te springen om nóg een enquête in te vullen. Daarom houden ze het lekker kort. Medewerkers zijn bovendien niet altijd geïnteresseerd in schoonmaak. Dat is ook wel begrijpelijk: ze kennen de gemaakte afspraken, frequenties en kwaliteitsnormen meestal niet.
Dus wordt het: ‘Uw mening telt’. Een paar vragen over werkplekken, vergaderruimtes, sanitaire en algemene ruimten, een rapportcijfer van 1 tot 10 en ruimte voor suggesties. Lekker efficiënt.
MAAR WAT WEET JE DAARNA EIGENLIJK?
Stel: de sanitaire ruimten krijgen gemiddeld een matig zesje. Waar komt dat cijfer vandaan? Ligt het aan de schoonmaak, de geur, ontbrekende voorzieningen, achterstallig onderhoud of de inrichting? Of spelen gebruikersgedrag en drukte een rol?
Schoonbeleving laat zich niet vangen in één rapportcijfer. Wie simpelweg vraagt wat iemand vindt, verzamelt vooral meningen. En daar hebben we er al genoeg van.
Een mening kan namelijk door van alles worden beïnvloed. Een slechte luchtkwaliteit kan ervoor zorgen dat geuren blijven hangen. Bureaus kunnen eruitzien als privé-altaren, waardoor schoonmaken nauwelijks mogelijk is. Het tapijt kan tot op de draad versleten zijn. Of er is simpelweg te weinig schoonmaaktijd ingekocht, omdat schoonmaak nog altijd te vaak als sluitpost wordt behandeld.
MEERDERE FACTOREN VAN BELANG
Schoonbeleving wordt dus door tientallen factoren bepaald. Daarom begint goed onderzoek wat mij betreft niet met een enquête, maar met kritisch naar het eigen pand kijken.
Tijdens opnames zie ik regelmatig het schaamrood op de wangen van de contactpersoon verschijnen.
‘Die kabels liggen normaal niet op de grond, hoor.’
‘We moeten inderdaad snel iets aan die vloer doen.’
‘Wat gek dat het halve archief in de gang staat.’
‘De renovatie van het toilet staat voor 2029 op de planning.’
Allemaal zaken die invloed hebben op hoe een pand wordt ervaren. En daar kan de schoonmaker weinig aan veranderen. Dus voordat je de schoonmaak een rapportcijfer geeft: loop eens door je eigen pand met de ogen van iemand die er voor het eerst binnenkomt. Grote kans dat je dan heel andere dingen ziet dan alleen een stofje op de balie.